De overheid hoeft zich niet per se te verschuilen achter een chatrobot die onbegrijpelijke antwoorden op je vragen geeft of achter een computergestuurd meerkeuzemenu waarin je verdwaalt. In Almere krijgt zij een persoonlijk gezicht dankzij het project ‘Als ik later groot ben’, een initiatief van wethouder Froukje de Jonge. Jongeren met een toekomstdroom kunnen met een briefje in speciale brievenbussen in bibliotheken en scholen of via Facebook of WhatsApp de gemeente benaderen. Een team welzijns- en buurtwerkers staat klaar om ieder individueel te bezoeken met de vraag: Wat kan de gemeente voor je betekenen om je te helpen jouw droom na te jagen? Lees verder “Tussen straat en staat”
De politieagenten die gewond raakten bij de ‘orgie van geweld’ (burgemeester Ahmed Aboutaleb) in Rotterdam en bij rellen in Den Haag en Roermond, de verpleegkundigen op wie de woede over de vastlopende zorg wordt afgereageerd, de huisarts bij wiens praktijk ’s nachts brand was gesticht: de mensen in de eerste lijn van de ordehandhaving en de gezondheidszorg vangen de klappen op in de opgefokte sfeer die rond de coronapandemie is ontstaan. Lees verder “Liever geen schuldigen aanwijzen”
Als leider van de SGP bestookte Bas van der Vlies zijn opponenten liever met politieke argumenten dan met Gods woord. Hij was de beminnelijkheid zelve.
Het dagelijks leven van de mensen die stemmen op de SGP heeft een ambigu trekje: zij leven in twee werelden. Zo beschreef Wim Fieret, de geschiedschrijver van de partij, het: ‘Je hebt een leven in de samenleving en een leven thuis of in de kerk. Je werkt aan de universiteit of in een bouwkeet, je gaat winkelen terwijl de muziek van Lady Gaga of Madonna je in de oren klinkt, en daarna ga je naar huis en lees je de bijbel in de Statenvertaling en zing je op hele noten.’ Lees verder “Bas van der Vlies, 29 juni 1942 – 7 november 2021”
Het zou een gemiste kans zijn als PvdA en GroenLinks nu nalaten de krachten te bundelen. Samen vormen zij het redelijke alternatief voor de populisten én kunnen zij politiek gewicht geven aan een klimaatbeleid dat ook sociaal rechtvaardig is.
Den Haag, 22 september 2021 – Fractievoorzitters Jesse Klaver (Groenlinks) en Lilianne Ploumen (PvdA) in gesprek met elkaar in de Tweede Kamer tijdens de eerste dag van de algemene beschouwingen. Foto:ANP / Hollandse Hoogte / Phil Nijhuis
Het is een waarheid als een koe: machtsvorming behoort tot het alfa en omega van de politiek. Toch vond Frans Timmermans het nodig in de NRC zijn linkse geestverwanten er nog eens aan te herinneren, met dit trefzekere zinnetje: ‘Alleen kunnen we lekker gelijk hebben, maar zullen we het nooit krijgen.’ Timmermans, vicevoorzitter van de Europese Commissie en oudgediende in de PVDA, meent dat zijn partij en GroenLinks nu het punaise poetsen over onzuiverheden in de leer van de ander en bijkomende sektarische scherpslijperij terzijde moeten schuiven en de krachten moeten bundelen, mogelijk met een fusie. Lees verder “Sterft, gij oude vormen”
De crisis in de rechtsstaat, blootgelegd door de toeslagenaffaire, noopte volgens D66-leider Sigrid Kaag tot een wisseling van de wacht. Toch zegt ze nu ja tegen een prolongatie van de coalitie die de vertrouwensbreuk met de burgers op haar geweten heeft.
‘Of het politiek handig is, dat weet ik niet. Dat het voelt als het goede, dat weet ik wel’, zei D66-leider Sigrid Kaag op de avond dat zij haar blokkade tegen regeringssamenwerking met de ChristenUnie ophief. Ze hoopte de leiders van VVD en CDA, Mark Rutte en Wopke Hoekstra, daarmee te vermurwen om op hun beurt hun ‘nee’ tegen de komst van PVDA en GroenLinks aan de formatietafel op te geven. Ze kwam van een koude kermis thuis. Politiek handig bleek haar zet niet, hoe goed hij ook voelde: Rutte en Hoekstra persisteerden in hun blokkade. Lees verder “De slag met Kaag”
Hoe de machtsarrogantie van VVD en CDA aan het licht komt
Het contrast tussen oud en nieuw leiderschap kwam bij het aftreden van Sigrid Kaag scherp in beeld. Botsende interpretaties van wat een motie van afkeuring betekent illustreren het korte geheugen in Den Haag.
Parlementair historicus Joop van den Berg kon er in 2006 met z’n pet niet bij toen een minister voor de eerste keer gewoon aanbleef nadat de Tweede Kamer haar beleid had afgekeurd. ‘Welke gek heeft bedacht dat een motie van afkeuring iets anders zou zijn dan een beschaafd geformuleerde motie van wantrouwen?’ schreef hij in een commentaar over de machtsarrogantie die de Nederlandse politiek ook toen al een onaangenaam voorkomen gaf. Lees verder “Te kijk gezet”
Door kleingeestigheid vervreemdt de politiek zich van de burgers
Geen gebrek aan opgeklopt pandoer in de kabinetsformatie, wel aan serieuze aandacht voor reële problemen als de milieucrisis en de rechtsonzekerheid van mensen. De partijen letten meer op elkaar dan op het publieke belang.
Illustraties: Milo
Loze dreigbeelden overeen ‘linkse wolk’, politiek destructieve blokkades, de bestaanscrisis in het CDA, inhoudsarme beloften over een andere bestuurscultuur hebben de kabinetsformatie op een dood spoor gebracht, maar zijn toch eerder symptomen dan de oorzaak van de malaise in de politiek. Dit zou weleens kunnen zijn wat haar echt opbreekt: een gebrek aan engagement met de kiezers. Lees verder “Een bestuur van terugtrekkende bewegingen”
‘Het gevaar van onderhandelen is natuurlijk dat je er uitkomt met elkaar’, twitterde de politiek commentator van Trouw, Bart Zuidervaart, daags nadat VVD en CDA definitief hadden geweigerd met de combinatie PVDA/GroenLinks het gesprek over regeringssamenwerking aan te gaan. Daarmee typeerde hij scherp de kleingeestigheid die deze blokkade kenmerkt. Lees verder “Wat is de politieke winst van de rede van Kaag?”
‘Ze hebben zulke rare ideeën!’ was de doorsnee reactie op het speelse verzet van provo’s en hun geestverwanten tegen de bestaande orde. Maar zij bleken de ware realisten. Tegen het grimmige egoïsme van nu zou hun vrolijke vrijheidsgeest een geducht wapen zijn.
Op een goede ochtend in de zomer van 2020 stond hij daar opeens, in de voortuin van Roel van Duijn in Amsterdam-Slotervaart: een kabouter. Een onbekende had hem daar ’s nachts neergezet, maar dat vindt Van Duijn een al te prozaïsche formulering om zijn komst te beschrijven. Liever strooit hij wat magie in het verhaal, om de gebeurtenis uit de sfeer van het alledaagse te halen: ‘Een halve eeuw zijn de kabouters onder de grond gebleven. Nu is er eentje zelf aan komen wandelen en naast mijn voordeur komen staan.’ Lees verder “Het ludieke alternatief”
In het CDA-drama liep de geprononceerde politicus Pieter Omtzigt zich stuk op de koele bestuurder Wopke Hoekstra. Opvallend: in de formatie drijft Hoekstra juist op emoties en heeft de ratio hem – en Mark Rutte – in de steek gelaten.
Je kunt in het CDA de christen-democratie maar beter niet al te serieus nemen. Pieter Omtzigt is niet de eerste CDA’er die in zijn politieke handelen en denken trouw wil zijn aan het CDA-motto ‘partij van de samenleving’ en het dáárdoor heeft moeten afleggen tegen apparatsjiks die zijn onbewimpelde optreden als zand in de machine ervoeren. Zij versleten zijn vasthoudendheid in de toeslagenaffaire, waarin hij opkwam voor mensen die door de overheid in de vernieling waren gejaagd, voor ‘lastig’, hinderlijk voor de ‘eenheid’ en tekenend voor zijn gebrekkige gevoel voor verhoudingen. Lees verder “Omtzigt en zijn voorgangers”
Marktwerking in de zorg was voorheen een toverbegrip voor de politiek. Maar die marktwerking heeft de bureaucratie doen exploderen. Paul Frissen pleit voor een gezondheidszorg op basis van publiek gefinancierd, maatschappelijk initiatief.
Is iets een markt louter door het bij voortduring een markt te noemen? Hoewel het – ontkennende – antwoord evident is, kan het volgens Paul Frissen geen kwaad als politici die problemen in de gezondheidszorg wijten aan een ‘doorgeschoten marktwerking’ zich die vraag wel stellen. Hun diagnose is volgens hem onjuist: van een markt in de zorg is geen sprake. Daardoor blijven adequate oplossingen van problemen met de toegankelijkheid, de betaalbaarheid of de kwaliteit van de zorg buiten beeld. Lees verder “‘De markt is een amorele institutie’”
Advies aan de (in)formateur (4): Reinier van Zutphen, Nationale Ombudsman
De Nationale Ombudsman denkt dat de vernieuwingsgeest van de jaren zestig en zeventig in deze tijd van pas kan komen. De overheid moet leren haar burgers tegemoet te treden zonder achterdocht. ‘De overheid ziet burgers nu als potentiële fraudeurs.’
Hij zegt het halverwege het gesprek, bijna tussen neus en lippen door: ‘In de manier waarop we kijken naar de mensen in de samenleving, naar onze medeburgers, moeten we eigenlijk terug naar de jaren zeventig.’ We zitten aan een lange vergadertafel in zijn kantoor in Den Haag, vanaf de vijfde verdieping kijken we uit over de regeringsstad. Even later, gevraagd naar zijn precieze bedoeling met die terloopse opmerking, beklemtoont Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen hoezeer destijds in de maatschappij het gevoel van urgentie leefde om vastgeroeste instituties op te schudden. De vrijheidsgeest van die tijd sloeg neer in nieuwe wetten, met meer individuele rechten en een solide rechtsbescherming van burgers tegenover de staat.
De mens- en maatschappijvisie waarop de overheid haar beleid toen baseerde, beaamt Van Zutphen, ging uit van de goede wil van mensen. Zij hadden daarom recht op een fatsoenlijke behandeling, zonder achterdocht en wantrouwen. ‘Het contrast met het verwrongen mensbeeld van de overheid van tegenwoordig is groot. De overheid ziet burgers nu als potentiële fraudeurs’, zegt hij. ‘Dat moet drastisch veranderen. Ik merk dat veel mensen nu verongelijkt zijn over de manier waarop de overheid hen behandelt. En dat is terecht.’ Lees verder “‘Het vertrouwen is niet één-twee-drie terug’”
Op haar best is de democratie een lerend systeem. In het debat over de kabinetsnotulen trok de politiek lessen die voor zowel de democratie als de rechtsstaat zo gek nog niet zijn.
New York Times-journalist David Brooks karakteriseert de democratie als een ‘humanistisch project’. Zij is gebaseerd, meent hij, op het vertrouwen dat de menselijke rede mensen ook tot redelijkheid kan brengen, dankzij de drang die zij op hen uitoefent om na te denken over hun onderlinge verhoudingen. ‘Optimisme’ is daarom een tweede karakteristiek van de democratie, betoogt Brooks: het brengt mensen die anders vreemden voor elkaar zouden zijn met elkaar in gesprek. Dat brengt over en weer klaarheid in hun relaties en vergroot de kans dat zij leren van elkaars fouten. Lees verder “Zijn lesje geleerd”
Het CDA verkeert al langere tijd in een identiteitscrisis. De uitdrijvingsrituelen rond Pieter Omtzigt laten goed zien dat de christen-democratie enorme deuken heeft opgelopen. Is er zicht op herstel van de schade?
Ze ‘sloten elkaar in de armen om te sterven’, schreven de politicologen Joop van den Berg en Henk Molleman in 1974 over de partijen die tot het CDA fuseerden. Dat beeldende citaat wordt weer geregeld aangehaald, vanwege de voorspellende waarde die het lijkt te hebben. De neergang van het CDA lijkt niet te stoppen. Het is zelfs de vraag of de smeercampagne rond het eigen Kamerlid Pieter Omtzigt de partij niet fataal zal worden. Lees verder “Eenzaam aan het Binnenhof”
Hoe het liberalisme het neoliberalisme te boven komt
Het liberalisme was vanouds een hervormingsbeweging. Na de val van de Muur dutte het in, tevreden zolang de economie lekker draaide. ‘Liberale hervormers zijn liberale insiders geworden.’ Maar het kan zichzelf opnieuw uitvinden.
Illustratie: Olivia Ettema
Reinventing liberalism for the 21st century was de kop boven het essay waarmee The Economist in 2018 zijn 175-jarig bestaan memoreerde. Het Britse weekblad, een icoon van de Angelsaksische liberale denktraditie, vond het de hoogste tijd dat het liberalisme zichzelf opnieuw uitvond: het was hoogmoedig, zelfvoldaan geworden en daardoor intellectueel lui. Mede door dat gebrek aan zelfkritisch vermogen konden liberalen op de dwaalweg van het neoliberalisme en zijn anti-overheidsretoriek belanden. Lees verder “Een besef van veranderlijkheid”