De nood is hoog, en toch is er een wankel kabinet in aanbouw

Opinie: Kabinetsformatie

Met de blokkade van GroenLinks-PvdA en het welkom aan Ja21 heeft de kabinetsformatie in een tijd van oplopende internationale spanningen een riskante wending genomen, meent Marcel ten Hooven.

Opinie-Trouw

Met hoog spel – een onvoorwaardelijke afwijzing van GroenLinks-PvdA – heeft VVD-leider Dilan Yesilgöz D66 en CDA zover gebracht haar uit te nodigen aan de formatietafel en de partij van Jesse Klaver op de gang zetten. Je kan het ook scherper zeggen: met doelbewuste sabotagepolitiek heeft de VVD in tijden van oplopende internationale spanningen een meerderheidscoalitie geblokkeerd en het komende kabinet bij voorbaat instabiel gemaakt.

In het eindverslag van formateur Sybrand Buma staat dat de drie formerende partijen zullen werken aan een ‘stabiel kabinet’, maar dat is toch echt wishful thinking nu D66 en CDA hebben toegegeven aan het onbeschaamde machtsspel van de VVD. Misleiding loont in deze formatie, zo blijkt: Yesilgöz zoog uit haar duim dat GroenLinks-PvdA zou zijn afgegleden naar radicaal-links, en sprak zo op grond van valse beeldvorming een banvloek over de partij uit.

Dat komt als een onbezonnen actie over, en dat is het ook. De vorming van een meerderheidskabinet op brede basis, met D66, CDA, GroenLinks-PvdA en VVD (86 zetels in de Tweede Kamer) was na de verkiezingen van 29 oktober de voor de hand liggende keuze, en zou ook de belofte van een nieuw begin in zich dragen na de jaren van stilstand en achteruitgang onder het kabinet-Schoof. Het zal bij de kiezers die op zo’n ommekeer hoopten een deuk in het politieke vertrouwen slaan dat de VVD, de partij die de deur naar het landsbestuur openzette voor de brokkenpiloten van PVV en BBB, nu een sleutelpositie in de formatie in handen heeft.

Meer nog dan teleurstellend is de onwelwillende politiek van de VVD bezien vanuit de internationale context kortzichtig en riskant, nu de naoorlogse veiligheidsorde kraakt onder de druk van een Europavijandige, wispelturige president in het Witte Huis en een steeds agressiever Rusland.

Bondgenoten veilig houden

Bij monde van Yesilgöz wierp de VVD haar blokkade tegen GroenLinks-PvdA al op toen die partij nog onder leiding stond van Frans Timmermans. De voormalige eerste vicevoorzitter van de Europese Commissie, minister van Buitenlandse Zaken en staatssecretaris van Europese zaken, die zeven talen waaronder Russisch spreekt, is gepokt en gemazeld in de internationale politiek en diplomatie. Mede dankzij dat gezag committeerde zijn partij zich aan de nieuwe defensienorm van de Navo (3,5 procent van het nationaal product). ‘Wij hebben de afgelopen jaren voor verhoging van de Defensiebegroting gestemd’, schreef GroenLinks-PvdA klip en klaar in een nota over het Europese veiligheidsbeleid. ‘En dat zullen we blijven doen zolang onze krijgsmacht dat nodig heeft om Nederland en onze bondgenoten veilig te houden.’

Niettemin is de VVD zo bevangen door angst voor de rechts-populistische concurrentie dat ze GroenLinks-PvdA blokkeert en Ja21 de liefde betuigt. Die partij komt na een afsplitsing voort uit Forum voor Democratie, dat openlijk de sabotage van de Europese Unie en de Navo nastreeft en pacteert met Poetin. De sporen van die afkomst herken je in het eurosceptische programma van Ja21. Bij monde van een van de oprichters, Annabel Nanninga, doet de partij een van de grootste risico’s voor de internationale veiligheid, de klimaatcrisis, af als ‘klimaatwaanzin’. Samen met de VVD wil Ja21 de ontwikkelingssamenwerking uitkleden, nog een beleidsvoornemen dat de internationale spanningen zal vergroten.

Politieke vandalen

De voorkeur voor deze politieke vandalen boven GroenLinks-PvdA, een betrouwbare partner in de defensie- en veiligheidspolitiek, roept de vraag op hoe serieus de VVD haar eigen zorgen over de internationale veiligheid eigenlijk neemt.

Minstens zo raadselachtig is waarom CDA-leider Henri Bontenbal bijdraagt aan de normalisering van Ja21, ondanks de traditie die het CDA heeft hoog te houden als het gaat om Europese gezindheid en internationale solidariteit. ‘Een land dat over de dijken kijkt’, is het perspectief dat Bontenbal voor Nederland schetst in de programmatische tekst die hij met D66-leider Rob Jetten schreef. Herstel van gezag in het diplomatieke verkeer, verhoging van het budget van ontwikkelingssamenwerking en een versterking van de Nederlandse positie als voorvechter van het internationaal recht zijn de hoofddoelen. Toch zei Bontenbal al na een van zijn eerste gesprekken met informateur Rianne Letschert dat Ja21 als vierde partner in een kabinet met D66, CDA en VVD ‘het meest realistische scenario’ is.

Waarom draagt het CDA bij aan de normalisering van Ja21?

Afglijden naar de radicale flank

Het CDA houdt in deze formatie opnieuw vast aan zijn aloude stelregel dat deze partij in een coalitie altijd in de middenpositie moet uitkomen, en dus nooit de meest rechtse mag zijn. Daarmee verbindt het zijn lot als vanzelf met dat van de VVD, ook nu die partij uit electorale angst voor de hooligans van populistisch rechts de beweging heeft gemaakt die zij GroenLinks-PvdA verwijt: afglijden naar de radicale flank, daar waar Ja21 zich bevindt.

Ondanks zijn weerzin tegen die partij zit Jetten nu aan de formatietafel met twee partijen die Ja21 in het kabinet willen halen waarvan hij de beoogd premier is. Hans Goslinga heeft gelijk met het dilemma dat hij schetste (Trouw 13, december): onder de toenemende druk van CDA en VVD zal Jetten Ja21 als coalitiepartner moeten accepteren, wil hij het premierschap bemachtigen. Het zit er niet in dat zijn kabinet dan ver over de dijken zal kijken.

 


Verschenen in dagblad Trouw op 15 december 2025.