Berg je maar zodra hysterie de politiek bevangt

Opinie: Asielnoodmaatregelen

Bestuurlijke nuchterheid is ver te zoeken in het migratiebeleid, ook nu de senaat zich tegen een van de asielwetten heeft gekeerd, schrijft journalist en oud-Trouw-redacteur Marcel ten Hooven.

Opinie-Trouw

‘Niet panikeren, organiseren!’ staat te lezen op een muurschildering langs het spoor in Brussel-Schaarbeek, vlak voordat de trein de tunnel induikt. Door de maker bedoeld als een oproep aan activisten om zich te verenigen in hun verzet, kun je de slogan ook lezen als een politiek advies: verhit de gemoederen in brandende maatschappelijke kwesties niet nog verder met paniekvoetbal, maar reageer met weloverwogen, oplossingsgericht beleid.

Niet panikeren, maar organiseren, dat was ook de gedachte achter de reactie van premier Ruud Lubbers toen asielzoekers begin jaren negentig in arren moede hun toevlucht zochten in de Drentse roggevelden. De komst van vluchtelingen naar Nederland hoefde geen probleem te zijn, zei Lubbers, mits de overheid ‘praktische daadkracht’ betrachtte en waakte voor de indruk dat het probleem haar boven het hoofd groeide: dat zou funest zijn voor het vertrouwen in haar oplossend vermogen.

Dreigende ramp?

Dat soort bestuurlijke nuchterheid is aan het kabinet-Jetten niet besteed, getuige de afspraak die D66, VVD en CDA in hun regeerakkoord maakten om de twee asielwetten die zij van het rommelkabinet-Schoof erfden ‘onverkort’ uit te voeren. Alleen al met de naam van een van de twee wetten, ‘asielnoodmaatregelenwet’, transformeerde de komst van asielzoekers van een bestuurlijk te regelen aangelegenheid in een dreigende ramp voor het land.

De Eerste Kamer mag die wet nu met één stem verschil hebben verworpen, dat doet niet af aan de politieke implicatie van de coalitieafspraak: het kabinet gaat door met het voeden van de paniekerige opgefoktheid die nu al zo lang rond vluchtelingen hangt. Dat is niet bevorderlijk voor de praktische daadkracht die geboden is, eerder het tegendeel. Migratiedeskundige Hein de Haas, auteur van Hoe migratie echt werkt, zei al eens in De Groene Amsterdammer dat een substantieel deel van de politiek is ‘vastgedraaid in haar eigen migratieleugens’, en daar ook niet meer uitkomt. Voor de vluchtelingen in het bijzonder geldt: berg je maar zodra hysterie de politiek bevangt, want voor rede is zij dan niet meer vatbaar.

Koppigheid

Dat moge duidelijk worden uit de koppigheid waarmee de pleitbezorgers van de asielwetten het unaniem negatieve oordeel van deskundige raadgevers en uitvoeringsinstanties negeerden. Van het College voor de Rechten van de Mens, de Adviesraad Migratie, de politie, de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) tot de Raad van State, zonder uitzondering was de teneur van hun reactie: niet doen, deze wetten. Niet alleen zijn ze rechtsstatelijk van laag allooi omdat de grondrechten van asielzoekers in de knel komen, ook zouden ze een averechts effect hebben, want met de onherroepelijke extra belasting van de rechtspraak en de IND raakt de asielketen juist verder verstopt in plaats van ontlast. Dit zouden daarvan de zichtbare effecten zijn: meer wanhopige asielzoekers op straat, meer overlast en geweldsincidenten, meer dorpen in opstand, meer relschoppers die er niet voor terugschrikken brand te stichten, een klap uit te delen of gemeenteraadsleden te intimideren.

De Adviesraad Migratie oordeelde al eens dat de overheid zélf de aanhoudende crisissfeer rond asielzoekers creëert, door de opvangfaciliteiten financieel kort te houden en personeel te ontslaan zodra het aantal asielzoekers daalt. De kennis en ervaring die daarmee verloren gaat is niet snel opnieuw beschikbaar als de trend de andere kant uitgaat en zich weer meer mensen melden die in Nederland een goed heenkomen zoeken. ‘Er is geen migratiecrisis in Nederland maar een opvangcrisis’, concludeerde de adviesraad daarom kortweg.

Grip op migratie

Hoewel het kabinet in het regeerakkoord beterschap belooft, met de belofte van meer armslag en financiële zekerheid voor de IND en het COA, blijft het niet bij dat soort bestuurlijke maatregelen om die opvangcrisis te bestrijden. In het streven meer ‘grip’ te krijgen op migratie ligt de nadruk veeleer op een vorm van afschrikkingspolitiek, ook nu de Eerste Kamer de asielnoodmaatregelenwet heeft weggestemd. Met een inperking van hun rechten, bijvoorbeeld dat op gezinshereniging, moeten vluchtelingen ervoor terugdeinzen Nederland als bestemming te kiezen. De rechtszekerheid van de groep mensen in de samenleving die het minst weerbaar zijn tegenover de staatsmacht blijft daarmee een politiek onderhandelbare aangelegenheid, ook in het coalitieoverleg over de reparatiewet waarmee asielminister Bart van den Brink direct na de stemming in de senaat aan de slag ging.

Verwonderlijk is dat niet: achter het politieke verbond met de xenofobische PVV en BBB in het kabinet-Schoof school bij de VVD een ferme politieke wil, bleek uit Dilan Yesilgöz’ uitspraak destijds dat haar partij ‘nu eindelijk een meerderheid heeft om onze oplossingen door te voeren’. Met het aangaan van een coalitie met deze partij maakten D66 en CDA het zichzelf lastig om de asielwetten op Schoofs rommelzolder te laten liggen en het paniekvoetbal in het asielbeleid in te ruilen voor praktische daadkracht.

 


Verschenen in dagblad Trouw op 26 april 2026.